Dierlijke mest moet in principe emissiearm aangewend worden. Onder voorwaarden kan in 2026, net als in voorgaande jaren, een vrijstelling verkregen worden voor het bovengronds aanwenden van rundveedrijfmest (diercategorieën 100, 101, 102, 104 en 120) op grasland. Aanmelding is mogelijk tot en met 27 februari 2026 bij RVO.
Voorwaarden vrijstelling 2026
Er moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
- De mest moet afkomstig zijn van het eigen bedrijf en aangewend worden op grasland van de tot het bedrijf behorende landbouwgrond.
- Er mag geen aanwending plaatsvinden binnen twee meter vanaf de insteek van een watergang, ook wanneer de bufferstrook smaller is dan twee meter.
- In het jaar voorafgaand aan en in het jaar dat gebruikgemaakt wordt van de vrijstelling:
- bestaat minimaal 85% van de oppervlakte landbouwgrond uit grasland;
- bedraagt de kunstmestgift op het bedrijf minder dan 100 kg stikstof per ha grasland;
- is het stikstofoverschot op het bedrijf maximaal 100 kg stikstof per ha, berekend volgens het principe van een stikstofbalans op bedrijfsniveau;
- moet voor de diercategorieën 100, 101, 102 en 120 worden voldaan aan de in de regeling genoemde minimale beweidingseisen.
- Op het bedrijf mag ten behoeve van tot het bedrijf behorende oppervlakte bouwland geen andere dierlijke mest worden aangevoerd dan runderdrijfmest of vaste rundermest.
- De landbouwer houdt een weidegangkalender bij waarop per dag wordt bijgehouden hoeveel runderen per diercategorie geweid worden en gedurende hoeveel uren; de kalender loopt niet meer dan 1 week achter.
- De landbouwer houdt gegevens in de administratie bij waaruit blijkt dat aan de voorwaarden wordt voldaan.
Minimale beweidingseisen
- De melk- en kalfkoeien worden vanaf twee weken na de kalfdatum geweid. In de periode van 15 maart tot en met 30 november zijn zij in elk geval 150 dagen en 6 uur per dag in de wei.
- Droogstaande koeien (diercategorie 100) worden in de periode 1 mei tot en met 30 september dag en nacht geweid tot minimaal drie weken voor de verwachte kalfdatum.
- Runderen in de diercategorieën 102 en 120 worden in de periode 15 maart tot en met 30 november dag en nacht geweid gedurende minimaal 150 dagen per jaar.
- Runderen in de diercategorie 101 met een leeftijd van zes maanden of ouder worden in de periode 1 juni tot en met 31 augustus dag en nacht geweid.
Aanvullende voorwaarden bedrijven met melkkoeien
Bedrijven met melk- en kalfkoeien (diercategorie 100) moeten zowel in 2025 als 2026 aan de volgende voorwaarden voldoen:
- Indien de op het bedrijf geproduceerde mest niet volledig kan worden geplaatst op het eigen bedrijf, mag de melkproductie van het bedrijf niet hoger zijn dan 14.000 kg per ha.
- Het gemiddeld gewogen ureumgetal van de op het bedrijf tijdens de perioden van 1 januari tot en met 31 maart en van 1 december tot en met 31 december geproduceerde melk is lager dan 21 milligram per 100 gram melk.
Bron:Rijksdienst voor Ondernemend Nederland | 03-02-2026

